"Ze heeft toch een leuke dag gehad?"
"Waarom reageert hij nu ineens zo boos?"
"We hebben alleen maar leuke dingen gedaan..."
Het zijn opmerkingen die ik regelmatig hoor van ouders in mijn praktijk.
En eerlijk? Ik heb mezelf die vraag ook weleens gesteld.
Want soms lijkt het alsof je kind juist na een fijne dag volledig uit balans raakt. Na een verjaardag. Een schoolreisje. Een speelafspraak. Of juist tijdens de vakantie. Je kijkt terug op een gezellige dag, terwijl je kind huilt om iets kleins, overal ruzie over maakt of ineens nergens meer aan mee wil werken. Dat voelt tegenstrijdig.
Totdat je begrijpt wat er in het zenuwstelsel gebeurt.
Stel je het zenuwstelsel voor als een emmertje
Ik gebruik vaak het beeld van een emmertje.
Vanaf het moment dat je kind wakker wordt, vallen er de hele dag kleine druppeltjes in dat emmertje. Sommige druppels zijn duidelijk.
Een ruzie op school.
Een spannende toets.
Een teleurstelling.
Maar er zijn ook heel veel druppels die we gemakkelijk vergeten.
Nieuwe indrukken.
Geluiden.
Mensen.
Overgangen.
Beslissingen die je kind moet nemen.
Drukke klaslokalen.
Sporttraining.
Een verjaardag.
Een dagje uit.
Zelfs heel leuke gebeurtenissen zorgen voor druppels. Niet omdat ze vervelend zijn. Maar omdat het brein en het zenuwstelsel al die ervaringen moeten verwerken.
Een vol emmertje betekent niet dat er iets mis is
Iedereen heeft een grens aan hoeveel prikkels het zenuwstelsel op een dag kan verwerken. Sommige kinderen hebben een groot emmertje. Andere kinderen hebben een kleiner emmertje of krijgen simpelweg meer druppels binnen doordat ze gevoeliger zijn voor hun omgeving. En soms begint de dag al met een emmertje dat niet helemaal leeg is. Bijvoorbeeld na een paar drukke schoolweken, een slechte nacht of een periode vol veranderingen. Dan hoeft er nog maar weinig bij te komen voordat het emmertje overloopt.
Als het emmertje overloopt...
Wanneer het zenuwstelsel te veel te verwerken heeft, laat het lichaam dat zien. Niet met een lampje dat gaat branden. Maar met gedrag.
Je kind kan:
- sneller boos worden;
- veel huilen;
- drukker of juist stiller worden;
- nergens meer naar luisteren;
- moeilijk in slaap komen;
- overal ruzie over maken;
- zich moeilijk concentreren;
- of volledig vastlopen.
Dat gedrag is vaak geen keuze. Het is een signaal. Het lichaam zegt eigenlijk: "Er is even te veel. Ik kan dit nu niet meer verwerken."
Het zenuwstelsel probeert je kind te beschermen
Ons zenuwstelsel heeft één belangrijke taak: zorgen dat we veilig blijven. Wanneer het denkt dat alles overzichtelijk en veilig is, kan een kind spelen, leren, ontdekken en contact maken. Maar wanneer het zenuwstelsel overbelast raakt, verschuift de aandacht. Dan gaat alle energie naar overleven. Niet omdat er daadwerkelijk gevaar is. Maar omdat het lichaam ervaart dat er simpelweg te veel tegelijk gebeurt. Juist daarom zie je vaak gedrag waarvan je denkt:
"Dit is helemaal niet mijn kind."
Dat veranderde ook mijn manier van kijken
Sinds ik meer weet over het zenuwstelsel, stel ik mezelf veel minder vaak de vraag: "Waarom doet mijn dochter zo?" Ik vraag me veel vaker af: "Wat heeft haar lichaam vandaag allemaal moeten verwerken?" En alleen die andere vraag maakt al verschil. Ik reageer rustiger. Ik verwacht minder. Ik probeer eerst weer rust te brengen, voordat ik iets wil oplossen.
Begrijpen gaat vóór oplossen
Dat is ook precies waar ik in mijn praktijk mee begin. Natuurlijk kijken we naar het gedrag. Maar nog belangrijker is dat we begrijpen wat er onder dat gedrag gebeurt. Want wanneer je begrijpt waarom je kind reageert zoals het reageert, wordt het veel makkelijker om aan te sluiten bij wat het op dat moment nodig heeft. Niet vanuit strijd. Maar vanuit verbinding. En juist daar ontstaat vaak de eerste stap naar meer rust in huis.
Lees mijn blogs mee om beter te begrijpen wat er onder het gedrag van je kind gebeurt, waardoor het makkelijker wordt om je kind te begeleiden.
Reactie plaatsen
Reacties